Flower

Archief van januari, 2010

Huldetoespraak Frank Van Laecke

Op donderdag 28 januari 2010 werd op de Statutaire Algemene Vergadering de Breve van Erkentelijkheid uitgereikt aan De Heer Frank Van Laecke, auteur-regisseur.
Hieronder kan u de volledige toespraak van De Heer Frank Van Laecke nog eens lezen.

Mijnheer de Ere-Gouverneur, mevrouw de Ere-Gouvernante, goede Herman en Josiane, Burgemeester, Schepenen, …
Mijnheer de voorzitter, leden van het comité, geachte aanwezigen in al uw graden en hoedanigheden, waarde vrienden

Ik ben deze weken écht aan het feest. Om vele goede redenen.
Vorige zondag mocht ik een cultuurprijs in ontvangst nemen.
Vandaag is er uw erkenning. Een erkenning die ontzettend deugd doet.
Omdat elke waardering nu eenmaal het ego streelt van een immer twijfelende artiest. Maar vooral omdat momenten zoals dit zoals deze een mens oprecht verwarmen in frisse wintermaanden.
Omdat er zoveel vrienden in deze zaal zitten. Vrienden die ik veel te weinig zie maar daarom niet minder in mijn hart draag.
Om de schone woorden die mij vandaag al deden fonkelen en monkelen.
Ik voel mij uitermate vereerd. En gelukkig.
U verwent mij. Waarvoor grote dank.

Nochtans: ik ben nooit aan mijn job begonnen om erkend te worden.
Ik begon dit vak, dat zich vooral in uw luwte en de schaduw afspeelt, omdat ik niet anders kon. Letterlijk en figuurlijk.
In assisenmiddens noemt men dit “een onweerstaanbare drang”.
Ik ben zeven dagen op zeven, en daarnaast heel veel nachten, met mijn beroep bezig maar zo zelden heb ik het als “werk” in de betekenis van “corvee” ervaren. Het is zaligmakend labeur.
Elke voorstelling die ik mag maken is een intrigerende zoektocht met de mensen die ik zelf rondom mij mag verzamelen. Elk project wordt op die manier een onvoorwaardelijke reis die mij elke keer opnieuw innerlijk zoveel rijker maakt. Een onwaarschijnlijke luxe waar ik met ouder worden meer en meer bij stil sta. Gelukkig maar. Op die manier vermijd je alvast een zure, wrange, meesmuilende ouwe dag.
Ik leef van mijn fantasie en van mijn creativiteit, gecombineerd weliswaar met een ijzeren zelfdiscipline en een dosis met de jaren gegroeide zelfkritiek. Ik verdien er mijn geld mee en ik haal er zoveel voldoening uit.
Ik ontmoette mensen die in mij geloofden en mij een forum gaven.
Ik mocht al zoveel en ik mag nog zoveel.
Waarvoor mijn dank.

Een laatste reden waarom dit bijzondere weken zijn heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat ik onafgebroken zoveel maanden na elkaar in Gent aan de slag ben. Ik heb immers het enorme voorrecht om met de Grote Alain Platel in mijn moederstad een productie voor te bereiden.
Vier maanden aan één stuk repeteren we op de fraaie Bijloke site.
Liefst vier maanden staan mijn valiezen onaangeroerd. Dat is uitzonderlijk.
Ik zal Gent eren, eten en drinken.
Ik zal mij laven. Mijn verslaving is grenzeloos.

Nochtans: ik zei het al: ik ben een bevoorrechte reiziger.
Ik heb de wereld gezien.
Maar ik heb ook haar gezien.
Nadat mijn moeder een laatste oorverdovende kreet slaakte, opende ik mijn ogen en zag ik haar. Met haar gracieuze middeleeuwse contouren.
Vaag. In een mistige gloed die optrok met de jaren.
En naarmate ik groter werd, wat in mijn geval een relatief begrip is, leek Zij kleiner.

Zij was mijn eerste Grote Liefde.
En toen ik haar twintig jaar geleden noodgedwongen verliet voor een ander is zij steeds mijn minnares gebleven.
Ik weet wat heimwee is en ik keek naar haar terug op elk gesloten moment.
Ik wals met haar. Als in de eeuwigdurende trance.
Ik kan niet anders. Zo is zoveel dwingender dan de Sirenes, zoveel verleidelijker dan de Lorelei. Zoveel meer roes dan alle roezen die mij in hinderlagen op mij wachten.
In haar warme schoot verstrengelen verleden en heden, in een weldadige paringsdans waaruit ik nimmer wil en zal ontsnappen.
Ligt het aan haar accent?
Die zalige, on-imiteerbare Franse huig “r” die ook de mijne is?
Of aan haar uniek, onevenaarbare schoonheid die, in de loop der eeuwen, steeds oogverblindender is geworden, National Geograffics nog aan toe.
Ligt het aan haar ademhaling?
Haar gulheid, haar geroemde gastvrijheid die menige culturen verbindt in plaats van ze uit elkaar te drijven?
Ligt het aan haar soevereiniteit, haar weerbaarheid, haar assertiviteit of aan haar brutale lach?
Aan haar oude stenen die de geur van het bed nog dragen?
Ik weet het antwoord. Anderen niet.

Wie Gent niet heeft gekend kan het Mysterie niet begrijpen.
En het is maar de reizende die het jammerlijke gemis zal voelen.
Hij zal dolen in het duister maar Herinnering zal, hoe dan ook, zijn lichtende kwellende metgezel zijn.
En, volgens zijn laatste wilsbeschikking, zal zijn asse verstrooid worden in de Leie en de Schelde en dwarrelen over het Gravensteen en de Grote Drie, voorbij Draken en Lam Gods, walsend met Lieven Bauwens en Van Artevelde, vechtend naast Vader Anseele, flirtend met de Mammelokker, in haat en liefde met de cultuurtempels die de zijne niet meer zijn, om uiteindelijk te landen in de Waterzooi van de buren.

Eindejaarsverlichting

Hier komen de formulieren die ingevuld dienen te worden voor de aanvraag van eindejaarsverlichting

SAV JANUARI

Statutaire Algemene Vergadering op 29 januari om 19 uur gevolgd door Uitreiken Breve van Erkentelijkheid aan De Heer Frank Van Laecke en afsluitend de jaarlijkse nieuwjaarsreceptie

U bekijkt het KVGDG archief van januari, 2010.